Onze zorgen en toetscultuur

Zorgen. We hebben ze eigenlijk constant. Zorgen om onze kinderen, onze partner, ons werk, onze financiën. In mijn praktijk zie ik vooral ouders die zich zorgen maken om de ontwikkeling van hun kind.

Ze lopen voor, achter, scoren slecht op toetsen of hebben door hun gedrag een etiket gekregen.

Toetscultuur

In Nederland hebben we een toets-/testcultuur. Uit onderzoek van prof. dr. Paul van Geert van de Universiteit Groningen blijkt dat hoe vaker er getoetst/getest wordt, des te groter de kans op een afwijking. En dan gaan alarmbellen rinkelen en wordt er hulp ingeroepen.

De toetsen horen bij een leeftijd, groep, hoofdstuk in een methode, maar het ontwikkelingsniveau van kinderen is even divers als er kinderen zijn.

Fins onderwijssysteem

Er wordt veel gekeken naar het Finse onderwijssysteem, minder druk, minder lestijd en meer opbrengst. In Finland wordt echter beduidend minder getoetst/getest en meer naar de ontwikkelingsbehoefte van een kind gekeken.

In Nederland wordt bijna altijd uitgegaan van de gemiddelde prestaties van heel veel kinderen samen in plaats van die van het individu.

Dat is jammer. Daarmee wordt een kind de kans ontnomen om zijn eigen groei te laten zien.

Dynamic Assessment

Werk ik dan niet met toetsen? Jawel, ook ik werk met toetsen. Ik neem Dynamic Assessment testen af waarbij het resultaat van het kind in de pretest wordt vergeleken met zijn resultaat in de posttest.

Met een Dynamic Assessment krijg je geen IQ cijfer, maar wel een heel goed beeld van de ontwikkelingsmogelijkheden en dus leerbaarheid van een kind.

Ieder kind verdient het immers om gezien te worden.

Maak de vakantie nuttig voor je kind

Vakantie! Geen school, taal, rekenen, lezen, spelling, huiswerk of toetsweek. Zes weken lang kun je als kind of puber bijna doen wat je wilt. Je blijft lekker thuis, gaat misschien logeren, op vakantie of een dagje eropuit.

Er komt echter een moment dat de school weer begint en dan blijkt dat de meeste kinderen datgene wat ze geleerd hebben weer zijn vergeten. Toch kun je als ouder heel gemakkelijk tijdens de vakantie en op een speelse wijze oefenen met je kind. Dus niet: “Kom we gaan oefenen met je taal en rekenen.” Nee, je kunt dat gewoon op een speelse wijze doen.

Spelen met taal

Ga eens het alfabet per letter opnoemen en dan om en om de volgende letter zeggen. Je kunt ook twee of drie letters per keer noemen. Speel ouderwets galgje, ga eens Scrabbelen, waarbij je gewoon woorden maakt en die op het bord gelegd moeten worden. Je speelt niet om te winnen en telt geen punten, maar probeert woorden te maken en elkaar te helpen. Rory’s Story Cubes zijn leuk om verhalen mee te vertellen. Lees woorden eens achterstevoren. Ben je aan het strand, schrijf het alfabet dan in het zand. Of, heel ouderwets: stuur een met hand geschreven kaart naar opa en oma. Kortom: speel met taal.

Spelen met rekenen

Wat rekenen betreft zijn er nog veel meer mogelijkheden. Reken boodschappen af met contact geld. Tel de stappen die je onderweg ergens naar toe loopt of de tijd dat het duurt om op je bestemming te komen. Je kunt tijdens een citytrip verschillende ramen, gebouwen of borden tellen. Laat de kinderen op de achterbank nummerborden van auto’s opschrijven en daarna op cijfer- of alfabetvolgorde samenvoegen. Spellen als Shut The Box, Yahtzee, Rummikub, Beverbende en Malle-Getallen kwartetspellen zijn leuk en leerzaam.

Achterstand voorkomen

Gebruik je fantasie, want ‘taal en rekenen’ is overal om ons heen. Als taal en rekenen op een speelse manier worden aangeboden, is de kans heel groot dat je kind het leuk vindt (en het dus beter onthoudt). Het hoeft niet elke dag en zeker niet de hele dag, maar af en toe een taal- of rekenspel kan niet schaden. Dan begint jouw kind het nieuwe schooljaar niet met een achterstand. Vakanties zijn ervoor om samen te genieten en lol te hebben. Spelen en spelletjes spelen kunnen hier goed bij helpen. Ik wens je een fijne vakantie en veel ‘leerplezier’!

Kijk niet naar het gemiddelde, maar naar de behoefte van het kind

Ik was bezig met het verslag van een kind. De WISC (intelligentietest) is duidelijk: dit kind heeft een gemiddeld IQ van 96. Daarmee mag je in Nederland naar een VMBO TL. Klopt helemaal en daar is niets mis mee. Wel jammer dat er dan niet gekeken wordt naar de scores op de subtesten. Dan blijkt dit meisje ineens 15 te scoren op de subtest Begrijpen en slechts 5 op de subtest Cijferreeksen. Ja, dat is gemiddeld 10. Een beetje inconsistent, maar gemiddeld een 10, dus is er niets aan de hand. Dat dit meisje door deze extreem lage score op de subtest Cijferreeksen echter een probleem heeft met de wereld om zich heen wordt vergeten. Er is een aantal Cognitieve Functies deficiënt en daar kun je gewoon aan werken.

Ik word er zo verdrietig van dat ondanks passend onderwijs kinderen nog steeds op een gemiddelde worden afgerekend en op grond daarvan hun toekomst wordt bepaald. Waarom kunnen we niet een IQ test gebruiken om te kijken op subtest niveau wat een kind nodig heeft? Ontwikkelen doe je niet op basis van een door anderen bepaald gemiddelde, maar door individueel uitgedaagd te worden en zo je leerpotentieel volledig kunt ontwikkelen.

Ik ben absoluut niet tegen een IQ test, maar het feit dat kinderen vervolgens worden afgerekend op hun test dat doet pijn. Daar zijn de testen ook niet voor bedoeld. Ze zijn bedoeld om er achter te komen wat een kind nodig heeft en op welk deel van de test het onze hulp kan gebruiken. Ik kijk uit naar de dag dat wordt afgestapt van het gemiddelde en er echt gekeken wordt naar de behoefte van het kind, waarbij de uitslag van het IQ onderzoek een goed hulpmiddel is.